Contact opnemen

Overlijdensschade

Helaas zijn sommige ongevallen zo ernstig, dat het slachtoffer komt te overlijden. In dat geval kan er voor de nabestaanden recht op schadevergoeding ontstaan.

Contact opnemen

Wat is overlijdensschade?

Overlijdensschade is de schade die de nabestaanden lijden doordat een naaste is overleden door een ongeval. Dat zijn de begrafeniskosten of kosten van de crematie. Maar het kan ook zijn dat door het overlijden een deel van het gezinsinkomen wegvalt. En de overledene kan de taken in het huishouden of bij de verzorging van de kinderen niet meer uitvoeren. Letselschadeadvocaten noemen deze schade het gederfd levensonderhoud. Ook hebben de nabestaanden recht op vergoeding van affectieschade. Dat is de vergoeding voor het leed en het verdriet door het overlijden van een dierbare.

Berekenen van overlijdensschade

Het berekenen hiervan is specialistisch werk, waarbij kennis, maar ook rekenkundig inzicht noodzakelijk is. Bovendien is de berekening van overlijdensschade niet hetzelfde als in een letselschadezaak. Bij overlijdensschadezaken wordt geen vergelijking gemaakt van de situatie met en zonder overlijden, maar wordt gekeken naar de behoefte van ieder gezinslid afzonderlijk. Daarbij is het inkomen van belang, maar ook de vaste en de variabele kosten van een gezinslid zijn van belang. Het is daarom belangrijk om een gespecialiseerde letselschadeadvocaat in te schakelen die ervaring heeft met het berekenen van overlijdensschades.

Advocaat en overlijdensschade

Het overlijden van een dierbare heeft een grote impact op de nabestaanden. Vaak wil je als nabestaande niet bezig zijn met de financiële afhandeling, maar dit is wel noodzakelijk. De rekeningen moeten gewoon betaald worden.

De letselschadeadvocaten van Damsté kunnen veel papierwerk van je uit handen nemen. Wij hebben veel ervaring met het berekenen van overlijdensschade. Het voordeel van Damsté is dat wij snel kunnen schakelen als er vragen zijn op andere rechtsgebieden, bijvoorbeeld op het gebied van het erfrecht.

Deskundigen in deze expertise

Veelgestelde vragen

Wie heeft recht op overlijdensschade?

Op grond van art. 6:108 lid 1 BW betreffen dit
1) de niet van tafel en bed gescheiden echtgenoot, de geregistreerde partner en de minderjarige kinderen van de overledene;
2) andere bloed- of aanverwanten van de overledene, mits de overledene ten tijde van diens overlijden geheel of gedeeltelijk in hun levensonderhoud voorzag of daartoe krachtens rechterlijke uitspraak verplicht was;
3) zij die reeds vóór de gebeurtenis waarop de aansprakelijkheid berust, met de overledene in gezinsverband samenwoonden en in wiens levensonderhoud de overledene geheel of voor een groot deel voorzag, voor zover aannemelijk is dat een en ander zonder het overlijden zou zijn voortgezet;
4) degene die met de overledene in gezinsverband samenwoonde en in wiens levensonderhoud de overledene bijdroeg door het doen van de gemeenschappelijke huishouding, voor zover hij schade lijdt doordat na het overlijden op andere wijze in de huishouding moet worden voorzien.

Wat is overlijdensschade?

Overlijdensschade betreft schade van nabestaanden als gevolg van het overlijden van een naaste waarvoor een ander aansprakelijk is.

Welke kosten kunnen nabestaanden verhalen?

De kosten die nabestaanden kunnen verhalen bestaan uit materiële en immateriële schade. Onder materiële schade vallen de kosten van lijkbezorging en kosten wegens gederfd levensonderhoud. Het recht op vergoeding van immateriële schade bestaat uit de vergoeding van affectieschade.

Wat zijn de kosten van lijkbezorging?

Hieronder vallen onder meer de kosten van een kist, rauwauto, dienst en begrafenisondernemer maar ook bijkomende kosten zoals kaarten, advertenties, bloemen, een grafsteen en eventuele reiskosten van nabestaanden.

Hoe wordt gederfd levensonderhoud berekend?

Het is erg lastig om de schade die een nabestaande lijdt door het derven van levensonderhoud exact vast te stellen. In de eerste plaats dient te worden vastgesteld wat de overledene – indien hij in leven zou zijn gebleven – waarschijnlijk aan levensonderhoud aan de nabestaande zou hebben verstrekt. Hierbij wordt gekeken naar hetgeen de overledene voor diens overlijden heeft verstrekt, rekening houdend met mogelijke toekomstige ontwikkelingen die de omvang hiervan zouden hebben beïnvloed.

Vervolgens moet worden bepaald in hoeverre de nabestaande uit eigen inkomen, vermogen, nalatenschap, pensioen, verzekeringsuitkeringen of andere baten in die behoefte kan voorzien. De schade bestaat vervolgens uit het (eventuele) resterende tekort.

Kan er smartengeld worden gevorderd voor het lijden vóór overlijden?

Nee, art. 6:108 lid 6 BW staat hieraan in de weg. Wanneer een naaste eerst ernstig en blijvend letsel oploopt en daardoor later overlijdt, kan niet zowel een vergoeding wegens affecieschade worden gevorderd voor de periode vóór overlijden (op grond van art. 6:107 lid 1 onder b BW) als ook een vergoeding wegens affectieschade na het overlijden (op grond van art. 6:108 lid 3 BW). Indien de naaste overlijdt bestaat aldus geen recht op affectieschade voor het lijden van de nabestaande vóór het overlijden.

Contactformulier

Heb je een vraag? Stel die dan gerust. Wij nemen zo snel mogelijk contact met je op.

Schrijf u in en blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief!

Uitschrijven kan altijd probleemloos.