Aangenomen werd dat het plaatsen van een (embedded) hyperlink inbreuk kan maken op een auteursrecht omdat er door die link wordt verwezen naar auteursrechtelijk beschermd materiaal.
In deze zaak plaatst een krant op haar website enkele artikelen met toestemming van de desbetreffende journalisten.
Een andere partij verwijst op haar website door middel van hyperlinks naar deze artikelen. De journalisten voelen zich benadeeld omdat de hyperlinks verwijzen naar hun auteursrechtelijk beschermde artikelen. Zij menen dat de hyperlinks inbreuk maken op hun toekomende auteursrechten.
Om te bepalen of er in dit geval sprake is van een inbreuk op de auteursrechten, moet worden vastgesteld of het plaatsen van een hyperlink een mededeling aan een nieuw publiek vormt. Een nieuw publiek is het publiek dat door de houders van de auteursrechten niet in aanmerking is genomen toen zij toestemming verleenden voor de oorspronkelijke mededeling.
Rechtsvraag:
Maakt een derde door het plaatsen van een (embedded) hyperlink inbreuk op auteursrechten?
Antwoord:
Nee. Een (embedded) link naar een auteursrechtelijk beschermd werk is geen mededeling aan een nieuw publiek, omdat de auteursrechthebbende volgens het Hof al bij de eerste openbaarmaking van het werk rekening moest houden met dit groot potentieel aan internetgebruikers. Dit betekent in de praktijk dat het (embedded) linken naar auteursrechtelijk beschermd materiaal dat gratis en toegankelijk is op een oorspronkelijke website, mogelijk is zonder toestemming van de auteursrechthebbende.
Dit is alleen anders als het oorspronkelijk geplaatste materiaal niet vrij toegankelijk is, zonder toestemming van de auteursrechthebbende geplaatst is of als het noodzakelijk is om een beveiliging te doorbreken.