Het nieuwe jaar is inmiddels alweer in volle gang. Ook dit jaar is er per 1 januari weer het één en ander veranderd binnen het arbeidsrecht en zijn er wetswijzigingen geweest. In deze blog zullen wij de belangrijkste in werking getreden wijzigingen voor u in hoofdlijnen uiteenzetten.
Adequate pensioenregeling voor payrollwerknemers
Payrollwerknemers hebben vanaf 1 januari 2021 recht op een adequaat pensioen. Nu de verplichtstelling van StiPP voor payrollwerknemers per 1 januari is vervallen, dienen payrollwerkgevers vanaf deze datum zelf zorg te dragen voor een adequate pensioenregeling.
Compensatieregeling transitievergoeding bedrijfsbeëindiging
Per 1 januari 2021 is de compensatieregeling transitievergoeding bij bedrijfsbeëindiging in werking getreden. Een werkgever met minder dan 25 werknemers kan nu gecompenseerd worden voor transitievergoedingen die betaald zijn in het kader van een bedrijfsbeëindiging wegens pensionering of overlijden van de werkgever.
Alleen transitievergoedingen die betaald zijn ná 1 januari 2021 komen voor compensatie in aanmerking.
Vaste reiskostenvergoeding 2021
Vaste reiskostenvergoedingen voor werknemers die vanwege de coronamaatregelen (vrijwel) volledig thuiswerken kunnen nog tot in ieder geval 1 februari 2021 onbelast worden vergoed. Het moet dan wel gaan om vergoedingen die reeds vóór 13 maart 2020 aan werknemers zijn toegekend.
Het kabinet zal later deze maand bekend maken hoe er ná 1 februari 2021 om zal worden gegaan met de onbelaste vaste reiskostenvergoedingen.
WW-premie bij meer dan 30% overwerk
Sinds de inwerkingtreding van de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) betalen werkgevers een lage WW-premie voor vaste contracten en een hoge WW-premie voor flexibele contracten.
Daarnaast moest een werkgever ook - met terugwerkende kracht - de hoge WW-premie afdragen, indien een werknemer met een vast arbeidscontract van gemiddeld minder dan 35 uur per week in een kalenderjaar meer dan 30% heeft overgewerkt.
Door het coronavirus kan deze regeling onbedoelde gevolgen hebben voor sectoren waar nu juist extra overwerk nodig is. Om deze onbedoelde gevolgen tegen te gaan, is de regeling tijdelijk aangepast. De aanpassing heeft ertoe geleid dat geen enkele werkgever (ongeacht sector) in 2020 en 2021 met terugwerkende kracht de hoge WW-premie bij meer dan 30% overwerk hoeft af te dragen.
Beperking vrije ruimte werkkostenregeling
De vrije ruimte is onderdeel van de werkkostenregeling (WKR). Per 1 januari 2021 is het percentage van de vrije ruimte boven de € 400.000,- van het fiscale loon verlaagd van 1,2% naar 1,18%. De vrije ruimte voor het fiscale loon tot en met € 400.000,- is teruggegaan van 3,0% naar 1,7%.
Tijdelijke versoepeling RVU-heffing en verruiming verlofsparen
De Eerste Kamer heeft recent het ’Wetsvoorstel bedrag ineens, RVU en verlofsparen’ aangenomen. Deze nieuwe wet is per 1 januari 2021 gedeeltelijk in werking getreden en biedt werknemers sindsdien meer keuzemogelijkheden om eerder te kunnen stoppen met werken.
Zo kunnen werkgevers tijdelijk (maximaal) drie jaar vóór de AOW-leeftijd aan hun werknemers een bedrag meegeven dat na vermindering met de loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen gelijk is aan het nettobedrag van de AOW-uitkering.
Over dat bedrag is de werkgever geen RVU-heffing verschuldigd. De hoogte van de vrijstelling wordt jaarlijks bijgesteld aan de hand van wijzigingen in de hoogte van de AOW-uitkering, zodat de hoogte van de vrijstelling feitelijk gekoppeld blijft aan de netto-AOW. Werknemers krijgen op deze manier als het ware eerder hun AOW uitbetaald (weliswaar betaald door de werkgever). Zij kunnen dit bedrag zelf aanvullen door bijvoorbeeld het ouderdomspensioen eerder in te laten gaan of door spaargeld in te zetten.
Ook is er per 1 januari 2021 meer fiscale ruimte geboden voor werknemers om verlof op te sparen. Werknemers kunnen nu maximaal 100 weken fiscaal gefaciliteerd vakantieverlof en compensatieverlof opsparen. Zo kunnen zij hun duurzame inzetbaarheid vergroten door bijvoorbeeld enkele jaren voor de pensioenleeftijd minder te gaan werken of door tijdens hun loopbaan tijd te nemen voor een sabbatical.
Wet vereenvoudiging beslagvrije voet
Op 1 januari 2021 is de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet in werking getreden. Deze wet dient de berekening van de beslagvrije voet betrouwbaarder te maken. Gegevens ter vaststelling van de hoogte van de beslagvrije voet worden nu uit bestaande registraties gehaald.
Overige wijzigingen
- Het wettelijk minimumloon voor personen vanaf 21 jaar is verhoogd naar € 1.684,80 per maand.
- De hoogte van de maximale transitievergoeding is verhoogd naar € 84.000,- óf een jaarsalaris als dat salaris hoger is dan € 84.000,-.
- Het bezoldigingsmaximum van topfunctionarissen op grond van de WNT is verhoogd naar € 209.000,-
- Het lage WW-premiepercentage is in 2021 verlaagd naar 2.7%
- Het hoge WW-premiepercentage is verlaagd naar 7.7%
Heeft u vragen naar aanleiding van één van de bovengenoemde wijzigingen? Neem dan gerust contact met ons op.