Contact opnemen
28 september 2022

Hoe worden kinderalimentatie en partneralimentatie berekend?

Op het moment dat twee mensen uit elkaar gaan is er vaak sprake van krapte of zelfs een tekort. Mensen gaan van één huishouden naar twee huishoudens.

Om invloed uit te oefenen op de financiële gevolgen van een relatiebreuk, is alimentatie in het leven geroepen. Maar heb je hier recht op en hoe bereken je alimentatie?

Wat is kinderalimentatie?

In de wet staat kinderalimentatie omschreven als een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van minderjarige kinderen. Dit geldt voor kinderen van 0 tot 18 jaar oud. Nederland kent voor jongmeerderjarige kinderen tot 21 jaar een verlengde onderhoudsplicht. In zo’n geval wordt kinderalimentatie omschreven als een bijdrage in de kosten van levensonderhoud en studie.

Hoe zit dit met jongmeerderjarige kinderen?

Of ouders een bijdrage moeten betalen in de kosten van levensonderhoud en studie hangt af van de omstandigheden van desbetreffende jongmeerderjarige kind. Zoals de naam al doet vermoeden wordt de bijdrage voor jongmeerderjarige kinderen bijna altijd betaald voor kinderen die nog studeren en daardoor geen of beperkte eigen inkomsten hebben.

Jongmeerderjarige kinderen die niet studeren en eigen inkomsten hebben (vaak door te werken) kunnen in de regel dus geen aanspraak maken op kinderalimentatie.

Wat is de stiefouder-verplichting?

In Nederland geldt ook een zogenaamde ‘stiefouder-verplichting’. Stel dat ouder X (her)trouwt of een geregistreerd partnerschap aangaat en het kind van ouder X maakt onderdeel uit van het gezin van ouder X en zijn/haar nieuwe echtgenoot of de nieuwe geregistreerde partner.

In dat geval is deze nieuwe echtgenoot of geregistreerde partner onderhoudsplichtig voor dit kind van ouder X. Dat betekent dat de beide ouders en de stiefouder onderhoudsplichtig zijn.  

Wat is partneralimentatie?

Partneralimentatie wordt door de wet omschreven als een bijdrage in de kosten van iemands levensonderhoud. De verplichting om partneralimentatie te betalen doet zich volgens de Nederlandse wet alleen voor bij huwelijken en geregistreerde partnerschappen. 

Partneralimentatie heeft in Nederland een soort vangnetfunctie. Voor het geval een ex-echtgenoot of ex-geregistreerd partner niet zelf kan voorzien in wat diegene gewend is geraakt tijdens de relatie, bestaat partneralimentatie.

Dit betekent dat iedereen een plicht heeft om alles in het werk te stellen na het huwelijk of na het geregistreerde partnerschap, zelf in het eigen levensonderhoud te voorzien. Lukt dat niet? Dan komt partneralimentatie in beeld. 

Hoe lang moet kinderalimentatie betaald worden?

Kinderalimentatie moet betaald worden tot een minderjarige 18 wordt. Daarnaast is het dus afhankelijk van de persoonlijke situatie van een kind of er een verlengde onderhoudsplicht geldt tot de 21-jarige leeftijd van een kind. Tot 18 jaar wordt kinderalimentatie aan de andere ouder betaald en vanaf 18 jaar wordt aan het jongmeerderjarige kind zelf betaald. 

Hoelang moet partneralimentatie betaald worden?

De wettelijke hoofdregel is sinds 1 januari 2019 gewijzigd. Vanaf dat moment is de hoofdregel dat de helft van de duur van het huwelijk de alimentatieduur betreft, met een maximum van vijf jaren.

De belangrijkste uitzondering op deze hoofdregel is de leeftijd van kinderen die binnen het huwelijk of het geregistreerde partnerschap worden geboren. De alimentatietermijn van vijf jaren wordt verlengd tot het moment dat het jongste kind 12 jaar oud is.

In situaties met jonge kinderen kan de maximale termijn waarbinnen partneralimentatie mogelijk betaald moet worden dus bijna 12 jaar zijn.

Hoe wordt alimentatie berekend?

Bij het berekenen van alimentatie staan een aantal begrippen centraal. Daarbij is het van belang om rekening te houden met de voorrang van kinderalimentatie boven partneralimentatie. De alimentatieberekening zelf wordt ook altijd toegelicht aan de hand van deze begrippen:

  • Welstand/behoefte;

  • Behoeftigheid/verdiencapaciteit;

  • Draagkracht. 

In het onderstaande voorbeeld wordt van een huwelijk met kinderen uitgegaan zodat er sprake is van kinder- en partneralimentatie. Het kan natuurlijk zo zijn dat enkel kinderalimentatie of enkel partneralimentatie speelt. Alimentatie is altijd maatwerk.

Welstand/behoefte

Als eerste kijk je naar de welstand tijdens het huwelijk. Wat waren deze mensen gewend en wat was voor hen normaal? Het moment van het feitelijk uit elkaar gaan is daarbij het meetmoment waarop de financiële thermometer als het ware in het huwelijk wordt gestoken.

Dit is een feitelijke toets en is dus daadwerkelijk het moment waarop iemand de voordeur definitief achter zich heeft dichtgetrokken. Voor zover inkomsten binnen het huwelijk sterk wisselen, kan het zijn dat een langere periode voor het feitelijk uiteengaan wordt genomen om zo beter inzichtelijk te krijgen in wat voor een specifiek huwelijk ‘normaal’ was.

Het besteedbaar gezinsinkomen

Welstand drukken we vaak uit in geld. Meer specifiek in de vorm van het netto besteedbaar gezinsinkomen van echtgenoten binnen het huwelijk. Bij behoefte drukken we de welstand van het huwelijk uit in geld. Stel dat het netto-inkomen van twee echtgenoten € 4.000,00 netto per maand bedraagt en zij twee minderjarige kinderen hebben van 12 en 14 jaar oud.

Hoe wordt een bijdrage in de kosten bepaald?

In dat geval bedraagt de behoefte van deze twee kinderen aan een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding € 835,00 per maand voor beide kinderen gezamenlijk in het jaar 2022.

Dit bedrag is af te leiden uit daartoe strekkende tabellen die jaarlijks worden gepubliceerd op de website van de rechtspraak. Bij dit tabelbedrag hoort dus de fictie dat ouders met een gezinsinkomen van € 4.000,00 netto per maand maandelijks ongeveer € 835,00 aan hun kinderen kwijt zijn qua kosten.

Bijzondere omstandigheden met uitzonderlijke kosten

Alle kosten die met kinderen samenvallen vallen onder dit tabelbedrag en slechts in bijzondere omstandigheden kan het zo zijn dat het tabelbedrag verhoogd wordt met uitzonderlijke kosten, denk daarbij aan een gehandicapt kind of een kind dat topsporter is.

Van één naar twee huishoudens

Het maandbedrag dat de echtgenoten kunnen besteden aan hun eigen welstand is vervolgens € 3.165,00 per maand. Als mensen uit elkaar gaan, dan verdwijnt het schaalvoordeel en zul je van één huishouden naar twee huishoudens gaan.

De hofnorm bij partneralimentatie

Daarom wordt er vaak een vuistregel gehanteerd die ook wel de ‘hofnorm’ wordt genoemd. Deze vuistregel stelt dat de behoefte van een echtgenoot aan partneralimentatie 60% bedraagt van het netto gezinsinkomen minus de kosten van kinderen van het gezinsinkomen zijn afgetrokken.

In ons voorbeeld bedraagt de behoefte van beide echtgenoten ([€ 4.000,00 - € 835,00] × 60%) € 1.899,00 per maand. 

Indien allebei de echtgenoten na de echtscheiding € 1.899,00 netto per maand te besteden hebben nadat alle kosten van de kinderen zijn gedekt, dan leven zij voort op dezelfde manier als tijdens het huwelijk. Dat is de ideale situatie, maar het is natuurlijk de vraag of het inkomen van de echtgenoten dit toelaat na de echtscheiding. 

Bij het berekenen van de behoefte is het belangrijk te onthouden dat je dus terugkijkt in de tijd. Je gaat altijd uit van een situatie uit het verleden.

Behoefte is ook een bovengrens van alimentatie. Iemand hoeft nooit meer kinder- of partneralimentatie te betalen dan de maximale behoefte van een kind of ex-echtgenoot. 

Behoeftigheid/verdiencapaciteit

Deze stap speelt alleen een rol bij partneralimentatie en niet bij kinderalimentatie. We gaan er met elkaar in Nederland namelijk vanuit dat kinderen geen verdiencapaciteit hebben en dus niet in hun eigen behoefte kunnen voorzien.

Behoeftigheid speelt een belangrijke rol bij partneralimentatie

Bij partneralimentatie speelt behoeftigheid oftewel de verdiencapaciteit van iemand nadrukkelijk een rol. De hoofdregel is namelijk dat iedereen in de eigen behoefte die gerelateerd is aan het huwelijk moet (gaan) voorzien. Pas als iemand dat zelf niet lukt, kun je bij je ex-partner aankloppen.

Bij verdiencapaciteit spelen alle omstandigheden van het geval een rol. Er wordt gekeken naar:

  • iemands genoten opleiding

  • de carrière die iemand heeft doorgemaakt

  • de rolverdeling tijdens het huwelijk

  • de leeftijd van de kinderen

  • de fysieke gesteldheid van iemand

  • de psychische gesteldheid.

Pas op het moment dat iemand niet (volledig) in de eigen huwelijksgerelateerde behoefte kan voorzien, ga je door naar de laatste stap.

Zo komt het regelmatig voor dat een rechter oordeelt dat iemand geacht kan worden in zijn eigen levensonderhoud te voorzien. In dat geval wordt er geen alimentatie vastgesteld ondanks dat de alimentatieplichtige ex-partner daarvoor best wel de benodigde draagkracht kan hebben. 

Draagkracht

Draagkracht vaststellen is de laatste stap. Er wordt gekeken naar het in redelijkheid te verwerven inkomen van iemand. Niet het inkomen dat iemand heeft, maar het inkomen dat hij in redelijkheid kan verwerven. Bij draagkracht kijk je dus naar de nabije toekomst. Daarbij gaat kinderalimentatie voor op partneralimentatie.

Een bijdrage naar rato

Ouders moeten naar rato van hun draagkracht bijdragen in de kosten van hun kinderen. Als de ene echtgenoot € 3.000,00 per maand aan draagkracht heeft en de andere echtgenoot heeft € 1.000,00 per maand aan draagkracht, dan is de verhouding voor het dragen van de kosten van de kinderen: 25% en 75% van de kosten. De invloed van zorgkorting laat ik voor nu buiten beschouwing.

Indien er na het berekenen van kinderalimentatie nog draagkrachtruimte is om partneralimentatie te voldoen, dan kan dit afgesproken worden door de ex-echtgenoten of bij een geschil vastgesteld worden door een rechter.

Daarbij wordt bijvoorbeeld rekening gehouden met:

  • de daadwerkelijke woonlasten van iemand

  • eventuele aflossingen op (huwelijkse) schulden

  • kinderalimentatie

  • de premie ziektekostenverzekering.

Alimentatie berekenen is maatwerk

Iedere alimentatieberekening is in ieder geval maatwerk. Vanzelfsprekend is draagkracht ook een absolute grens van alimentatie. Als iemand geen draagkracht heeft, kan hij ook geen alimentatie betalen. 

De jus-vergelijking bij partneralimentatie

Als er wel draagkracht is speelt de zogenaamde vergelijking van de vrije ruimte bij partneralimentatie nog een rol (de jus-vergelijking). Het kan namelijk niet zo zijn dat iemand door het ontvangen van partneralimentatie netto meer te besteden heeft dan de andere ex-partner.

De vrije ruimte van beide ex-echtgenoten moet daarbij gelijk zijn. Deze vergelijking van de vrije ruimte is dus ook een grens van partneralimentatie.

Heb je hulp nodig bij een alimentatie-vraagstuk?

Neem dan gerust contact op met de familierechtspecialisten van Damsté. Ook als je vragen hebt over een ander aspect van een relatiebreuk of echtscheiding helpen wij graag verder.

 

Delen via
Schrijf u in en blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief!

Uitschrijven kan altijd probleemloos.