Veel mensen weten niet wat een bezoek aan de specialist in het ziekenhuis kost. De roep om transparantie in de zorg is enorm. Zorgverzekeraars onderhandelen met ziekenhuizen over de prijzen van een behandeling. Dat kan ervoor zorgen dat per ziekenhuis een aanzienlijk verschil bestaat in de prijs die voor een bepaalde behandeling in rekening wordt gebracht.
Verschillende partijen, waaronder verzekerden, consumentenorganisaties en de politiek, willen dat zorgverzekeraars en ziekenhuizen de tarieven van onder andere ziekenhuisbehandelingen openbaar maken, zodat patiënten overwogen keuzes kunnen maken en weten waar zij aan toe zijn. Zo kunnen zij de prijzen van verschillende ziekenhuizen van tevoren met elkaar vergelijken en achteraf beter controleren of de rekening wel klopt.
CZ publiceert als eerste zorgverzekeraar tarieven
Recent heeft CZ als eerste Nederlandse zorgverzekeraar een lijst met tarieven van bepaalde ziekenhuisbehandelingen op haar website gepubliceerd. Patiënten die bij CZ verzekerd zijn, kunnen vanaf nu bekijken wat de prijs van een bepaalde behandeling in het ziekenhuis bedraagt en hoe deze prijs zich verhoudt tot de behandelingsprijzen van andere ziekenhuizen. Het gaat om behandelingen die kunnen vallen onder het verplichte eigen risico (€ 385,--) en het vrijwillige eigen risico (maximaal € 500,--) van de zorgverzekering, oftewel behandelingen met een kostprijs van € 885,-- of minder. Het is de bedoeling dat op den duur ook duurdere behandelingen op de lijst komen te staan. In de huidige lijst staan de behandelprijzen voor 2016 vermeld die CZ op dit moment met gecontracteerde ziekenhuizen heeft afgesproken.
Aanzienlijke prijsverschillen tussen tarieven
Opmerkelijk is dat een door de NOS uitgevoerde prijsvergelijking aanzienlijke prijsverschillen oplevert. Zo zou het aanbrengen van gips op een knie in het Ikazia Ziekenhuis in Rotterdam € 349,-- kosten, terwijl diezelfde behandeling in het Admiraal de Ruyter Ziekenhuis in Zeeland, meer dan het dubbele kost, namelijk € 747,--.
Voor het aanbrengen van een spiraaltje zijn de verschillen nog groter. In laatstgenoemd Admiraal de Ruyter Ziekenhuis in Zeeland kost deze ingreep € 156,--, terwijl voor dezelfde ingreep in het Reinier de Graaf Ziekenhuis in Delft bijna vier keer zo veel in rekening wordt gebracht, namelijk € 580,--.
Bij de zogenaamde kruisproef, een test die noodzakelijk is bij transplantaties, is de goedkoopste behandeling slechts € 2,60, terwijl een ander ziekenhuis een prijs van € 117,69 rekent. Een fors verschil. Het kan dus zeker lonen om vooraf de tarieven van verschillende ziekenhuizen met elkaar te vergelijken.
Voordelen voor de consument
Consumentenorganisaties, zoals de Autoriteit Consument & Markt (ACM) en de Consumentenbond, reageerden positief op de bekendmaking van de tarieven door CZ. Volgens deze organisaties valt een flink deel van de behandelingen onder het eigen risico van de zorgverzekering. Met transparante tarieven kunnen patiënten beter inschatten wat een behandeling gaat kosten en of het in een ander ziekenhuis misschien wel goedkoper kan. Hierdoor kan de marktmacht van ziekenhuizen enigszins beperkt worden. Anderzijds waarschuwt ACM wel voor mogelijke overtreding van de mededingingsregels. Vermoedelijk vreest ACM dat verdere openbaarmaking van tarieven ertoe leidt dat verzekeraars en zorgaanbieders hun tarieven onderling met elkaar gaan afstemmen. Daarmee verdwijnt mogelijk wel de praktijk van ziekenhuizen om prijsdiscriminatie tussen verzekeraars toe te passen. Wellicht dat transparante prijzen en het daaropvolgende wegvallen van de prijsverschillen op langere termijn leidt tot een (nog) grotere focus op de kwaliteit van de zorg. Als de prijzen immers nagenoeg gelijk zijn, zullen zorgverleners en verzekeraars zich op andere gebieden moeten gaan onderscheiden. Dat zou in ieder geval een ontwikkeling zijn waarbij de patiënt gebaat is.
Wat betekent dit nu in de praktijk?
Critici vinden het initiatief van CZ weinig zinvol en vrezen voor een stijging van de prijzen, omdat veel patiënten in de meeste gevallen niet op zoek zijn naar de goedkoopste, maar naar de beste behandeling. De verwachting is dat consumenten een hogere prijs zullen koppelen aan een hogere kwaliteit van de behandeling, hetgeen niet automatisch het geval hoeft te zijn.
Tevens zal het voor patiënten niet gemakkelijk zijn om de kosten van een behandeling op te zoeken. Daarvoor moet de patiënt namelijk eerst beschikken over een declaratiecode en die kan alleen bij het ziekenhuis worden opgevraagd. Het probleem is dat de behandeling of het traject van behandelingen pas bekend is als de arts of specialist na het consult een diagnose heeft gesteld. De patiënt moet dus aan de arts vragen welke declaratiecode er bij de behandeling hoort en vervolgens thuis alle tarieven gaan vergelijken om uit te zoeken welk ziekenhuis het goedkoopste is. Daarna moet de patiënt eventueel met de oorspronkelijke arts en het ziekenhuis regelen dat hij in een ander, goedkoper ziekenhuis behandeld gaat worden. Dit is uiteraard geen praktische en logische gang van zaken.
Een ander minpunt is dat ongeveer 11 procent van de verzekerden, vooral jonge, gezonde verzekerden, een eigen risico hebben van 885 euro, terwijl het overgrote deel van de verzekerden het minimale eigen risico heeft van 385 euro. Daarnaast bestaat de groep die ziekenhuiszorg nodig heeft vaak uit ouderen en chronisch zieken, waarbij het volledige eigen risico vaak al opgaat aan andere behandelingen of medicatie. Voor hen zijn de behandeltarieven onbelangrijk. De ziekenhuisprijzen die CZ publiceert, dekken bovendien slechts 0,6 procent van alle behandelingen en zijn daarmee dus maar voor een klein deel van de verzekerden van belang.
Het nut van de bekendgemaakte lijst met behandelingen en tarieven is volgens critici dus gering: ze zijn slechts van toepassing op een selecte groep verzekerden en maken de zorg alleen maar duurder.
Het is nog niet bekend of andere zorgverzekeraars het voorbeeld van CZ zullen volgen. De verwachting is dat de overige grote zorgverzekeraars Achmea, VGZ en Menzis ook hun ziekenhuistarieven openbaar zullen gaan maken.