Contact opnemen
25 september 2020

Kun je met een strafblad een VOG krijgen?

Niet alleen grote criminelen komen met politie en justitie in aanraking. Voor sommige relatief kleine vergrijpen kun je ook worden aangehouden en strafrechtelijk vervolgd.

Zo is het stelen van een flesje cola uit de supermarkt of het uitdelen van één klap tegen iemand die begon met jou uit te schelden een misdrijf. Krijg je door zo’n eenmalig (strafbaar) incident ook meteen een strafblad? Kun je met een veroordeling daarvoor nog wel een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) krijgen? Met andere woorden: wat zijn de gevolgen voor jouw toekomstige droombaan of vrijwilligerswerk bij de plaatselijke sportclub wanneer jij met politie en justitie te maken hebt gehad?

In dit artikel wordt uitgelegd wat een strafblad is, wat daarop staat genoteerd en welke gevolgen strafrechtelijke contacten kunnen hebben voor het verkrijgen van een VOG.

Wat is een strafblad?

Een strafblad is jouw strafrechtelijke cv. Een strafblad bevat een overzicht van jouw contacten met politie en justitie wegens misdrijven en bepaalde overtredingen. Het wordt ook wel de ‘justitiële documentatie’ genoemd, dat wordt bijgehouden in het Justitieel Documentatiesysteem van de overheid. Zowel personen als bedrijven kunnen een strafblad hebben, maar in dit artikel zal enkel de justitiële documentatie van personen worden toegelicht.

In jouw strafblad staat naast je persoonlijke informatie (voor- en achternaam, geboortedatum, geboorteplaats en jouw huidige adres) informatie over de strafzaken waarvan je wordt verdacht en waarvoor je al bent veroordeeld. Per strafbaar feit staat vermeld op welke datum dit feit is gepleegd, welk wetsartikel is overtreden en welke rechtbank over dit feit heeft geoordeeld. Als je bent veroordeeld staat ook vermeld welke straf is opgelegd, of deze straf al is uitgevoerd en of er sprake is van een proeftijd. Daarnaast kunnen er strafbare feiten uit bijvoorbeeld België en Duitsland op het strafblad staan.

Strafbare feiten waarvoor je bent vrijgesproken of die uiteindelijk niet eens aan de rechter zijn voorgelegd omdat deze zijn geseponeerd, staan ook op jouw strafblad. Dat is eveneens het geval als jij een transactie of strafbeschikking van het Openbaar Ministerie hebt geaccepteerd. Regelmatig wordt gedacht dat met het accepteren van een strafvoorstel van de officier van justitie - waardoor je niet naar de rechter hoeft - het strafbare feit niet op het strafblad komt te staan. Niets is minder waar. Het accepteren van een strafvoorstel van de officier van justitie staat gelijk aan een veroordeling van een rechter en kan dus wel degelijk gevolgen hebben voor het verkrijgen van een VOG.

De aantekeningen op jouw strafblad worden niet verwijderd en blijven er altijd staan. Het gewicht dat echter aan het feit mag worden gehangen – bijvoorbeeld bij het opleggen van een straf bij een nieuwe verdenking of bij de aanvraag van een VOG – is afhankelijk van hoe lang geleden het is gepleegd.

Gevolgen strafblad voor de VOG

De VOG is een verklaring van de Minister van Rechtsbescherming dat jouw gedrag uit het verleden geen bezwaar vormt voor de uitoefening van de door jou beoogde baan of stage. Een potentiële werkgever kan van jou verlangen dat je een VOG kan overleggen voordat je bij dat bedrijf in dienst treedt. Bij sommige beroepen is de werkgever hier zelfs wettelijk toe verplicht. In dat geval betreft het een functie waarbij je zult omgaan met vertrouwelijke informatie, kwetsbare personen, financiën, goederen of een combinatie daarvan. Denk bijvoorbeeld aan de ouderenzorg, de accountancy en taxidiensten. De werkgever dient (veelal via jou) de aanvraag tot een VOG in bij de gemeente. De gemeente geeft de Dienst Justis vervolgens de opdracht om jou te ‘screenen’. Hoe die screening er uit ziet is afhankelijk van het soort werk dat je zult gaan verrichten. Het is dan ook de werkgever die bepaalt of er sprake is van een zogenaamd algemeen of specifiek screeningsprofiel. Per screeningsprofiel wordt op bepaalde kenmerken en aspecten gelet.

Het algemene screeningsprofiel valt onder te verdelen in acht risicogebieden, namelijk omgang met informatie, geld, goederen, diensten, zakelijke transacties, processen en het aansturen van organisaties en personen. Het specifiek screeningsprofiel is voor beroepen waar wordt omgegaan met zeer gevoelige informatie en kwetsbare personen. Er wordt dan onderzocht of de onafhankelijke en integere positie van de dienstverlener in gevaar kan komen. Binnen dit profiel wordt een onderscheid gemaakt tussen onder andere politieke ambtsdragers zoals volksvertegenwoordigers en wethouders, visum- en emigratiediensten, opsporingsambtenaren, pleeggezinnen en adoptieouders, gezondheidszorg en welzijn van mens en dier, exploitatievergunninghouders, leden van een schietvereniging en juridische dienstverleners zoals advocaten en notarissen.

De vraag die steeds moet worden beantwoord is of er, gelet op jouw strafrechtelijk verleden, een maatschappelijk risico bestaat wanneer je een bepaalde functie of bezigheid gaat uitoefenen. Twee factoren spelen bij die beoordeling een belangrijke rol: de functie die je wilt gaan vervullen (en het daarbij behorende risico voor de samenleving) en de terugkijktermijn. Allereerst moet de aantekening relevant zijn voor de beoogde functie. Ben je bijvoorbeeld veroordeeld wegens gevaarlijk rijgedrag of is jou eens een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen opgelegd vanwege rijden onder invloed, dan is dat wel relevant als je solliciteert voor taxichauffeur, maar niet als je docent wilt worden. Ten tweede is van belang hoe lang geleden het feit is gepleegd. Afhankelijk van de beoogde baan, het screeningsprofiel en de leeftijd van de aanvrager wordt door de Dienst Justis over een bepaalde periode teruggekeken of er justitiële contacten zijn geweest. Dit is de zogenaamde terugkijktermijn. Zo is de terugkijktermijn voor een baan in de advocatuur of bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie tien jaar. Bij een lidmaatschap van een schietvereniging is dat echter acht jaar, terwijl voor de taxibranche een termijn van vijf jaar wordt gehanteerd. Ten slotte kan het relevant zijn hoe oud je was ten tijde van het plegen van het strafbare feit. Was jij toen minderjarig, dan kan er sprake zijn van een jeugdzonde. Dit kan meespelen in de beoordeling of het jou nu nog kan worden aangerekend.

Als de Dienst Justis relevante (strafrechtelijke) feiten heeft gevonden, wordt er een belangenafweging gemaakt tussen jouw belang bij het verkrijgen van de VOG en het risico voor de samenleving wanneer deze functie door jou zal worden vervuld. Vanwege al die verschillende factoren die bij die beoordeling een rol spelen, is de vraag of een strafbaar feit op het strafblad in de weg staat aan het verkrijgen van een VOG niet makkelijk te beantwoorden.

Gevolgen voor de VGB

Bij sommige functies zul je een vertrouwensfunctie gaan vervullen waarvoor een Verklaring Geen Bezwaar (VGB) nodig is. Dit is bijvoorbeeld nodig voor banen bij defensie, de luchthaven of de nationale politie. De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties geeft een VGB af wanneer er geen risico voor de nationale veiligheid bestaat bij de uitoefening van de vertrouwensfunctie. In het belang van de nationale veiligheid dient in dat geval een diepgaander onderzoek te worden gedaan naar gegevens die uit het oogpunt van de nationale veiligheid van belang zijn voor de vervulling van die vertrouwensfunctie. Dit veiligheidsonderzoek wordt uitgevoerd door de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) of de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD).

Het veiligheidsonderzoek wordt na de sollicitatieprocedure door de werkgever aangevraagd en is onderverdeeld in niveau A, niveau B en niveau C. Niveau A omvat het meest verregaande onderzoek, waarbij ook gesprekken plaatsvinden en zelfs het gedrag van de partner en familieleden kan worden meegewogen. Bij niveau B en C worden slechts schriftelijke en administratieve onderzoeken ingesteld, tenzij er gegevens worden gevonden die aanleiding geven tot nader, persoonlijk onderzoek.

Het onderzoeksniveau is afhankelijk van de beoogde functie. Bij het onderzoek moet in elk geval worden beoordeeld of er een veiligheidsrisico bestaat als jij de betreffende functie gaan uitoefenen. Hierbij wordt niet alleen het strafrechtelijk verleden onderzocht, maar ook eventuele deelname of steun aan staatsgevaarlijke of antidemocratische activiteiten. Verder worden ook persoonlijke gedragingen en omstandigheden meegewogen, waarbij feitelijk op vijf persoonlijke kenmerken wordt getoetst: eerlijkheid, onafhankelijkheid, loyaliteit, integriteit en veiligheidsbewustzijn. Hierbij wordt gelet op de aanwezigheid van bijvoorbeeld een verslaving, financiële kwetsbaarheid, ongewenste beïnvloeding van buitenaf (zoals familieleden), leugenachtig of niet-integer gedrag en onverantwoord of risicovol gedrag.

Een VGB kanworden geweigerd wanneer er onvoldoende waarborgen aanwezig zijn dat je onder alle omstandigheden de plichten die horen bij de vertrouwensfunctie, getrouwelijk zal volbrengen. Of een strafrechtelijke veroordeling ertoe leidt dat de VGB wordt geweigerd, is mede afhankelijk van de volgende factoren: het aantal verdenkingen en veroordelingen van strafbare feiten, de aard van het stafbare feit (een geweldsdelict, een vermogensdelict, etc.), de maximumstraf die daarop staat, de pleegdatum, jouw leeftijd ten tijde van het plegen van het delict en of er kan worden gesproken van een jeugdzonde, de zwaarte van de straf en ten slotte de relatie van dit gegeven tot de specifieke (te vervullen) vertrouwensfunctie.

Een VGB is dus afhankelijk van verschillende omstandigheden, waardoor het op voorhand niet goed valt te voorspellen of een veroordeling of persoonlijke omstandigheden in de weg staan aan het verkrijgen van een verklaring.

Bezwaar en hoger beroep

Wanneer de Minister van mening is dat er geen VOG of VGB kan worden afgegeven, dan zal hij dat voornemen tot afwijzing van de verklaring aan jou mededelen. Dit is een voorlopige beslissing. In deze voorlopige beslissing staat omschreven waarom de Minister van plan is de verklaring te weigeren. Je krijgt dan een termijn (vaak zes weken) om jouw zienswijze op deze beslissing in te dienen. In de zienswijze kun je naar voren brengen waarom jij vindt dat de VOG of VGB wel moet worden afgegeven. Misschien heeft de Dienst Justis de feiten niet goed of is jouw situatie inmiddels gewijzigd, terwijl daar geen rekening mee is gehouden. Hierna neemt de Minister het besluit om de VOG of VGB toch af te geven of om deze definitief te weigeren. In dat laatste geval kun je bezwaar maken tegen dit besluit (vaak eveneens binnen zes weken). Meestal mag je vervolgens jouw standpunt persoonlijk toelichten. Hierna neemt de Minister een besluit op jouw bezwaar. Als dit besluit wederom negatief is, kun je in beroep gaan bij de bestuursrechter. Het is zelfs mogelijk om tegen het besluit van de rechtbank in hoger beroep te gaan bij de Raad van State. Er zijn dus zeker mogelijkheden om een negatief besluit aan te vechten!

Conclusie

Op het strafblad staan alle misdrijven en bepaalde overtredingen waarvoor jij met politie en justitie in aanraking bent geweest. Deze aantekeningen blijven altijd op het strafblad staan, maar het gewicht dat eraan mag worden gehangen verandert wel. Dit is onder andere van belang bij de aanvraag van een VOG. Zowel bij de VOG als bij de VGB wordt beoordeeld of er een risico bestaat voor de samenleving of de nationale veiligheid als jij een (vertrouwens)functie gaat vervullen. Bij die beoordeling is onder andere jouw strafblad relevant. Bij de weging van jouw strafrechtelijk verleden wordt met name gelet op het soort strafbare feit, hoe lang geleden dit is gepleegd en welke straf is opgelegd in relatie met de werkzaamheden die je zult gaan uitvoeren. Bij de VGB wordt tevens gelet op andere relevante (persoonlijke) omstandigheden en gedragingen. Vanwege al die verschillende factoren die van belang zijn bij de beoordeling of een verklaring kan worden afgegeven, is het van tevoren niet goed in te schatten welke gevolgen een verdenking of veroordeling hebben voor de verdere carrière en toekomst.

In elk geval betekent één aantekening niet dat je per definitie geen verklaring meer kunt krijgen. Bovendien is het mogelijk om bezwaar te maken en in beroep te gaan tegen het besluit van de Minister om geen VOG of VGB af te geven. In deze procedures is een advocaat weliswaar niet verplicht, maar kan dat zeker wel handig zijn. Het is namelijk een ingewikkelde materie en veelal ook een weging van de feiten. Wij helpen jou daar graag bij! Heb je na het lezen van dit artikel nog vragen, neem gerust contact op.

Gerelateerde blogartikelen

Delen via
Schrijf u in en blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief!

Uitschrijven kan altijd probleemloos.