Met enige regelmaat ontstaat er discussie over wie er bij een uitvaart aanwezig mag zijn of dat er nog afscheid genomen mag worden van de overledene.
Af en toe worden dit soort zaken opgelost via een kort geding. Bijvoorbeeld de vraag of de kinderen afscheid mogen nemen van hun vader die is overleden. Deze zaak speelde bij de rechtbank Overijssel, locatie Almelo. Vader is hertrouwd en de nieuwe echtgenote geeft geen toestemming om afscheid te mogen nemen.
Afscheid nemen van een dierbare
Er wordt dan gevorderd dat de (nieuwe) echtgenote wordt veroordeeld om de kinderen gedurende een bepaalde tijd (bijvoorbeeld een uur) op een duidelijk omschreven dag en tijdstip, zonder aanwezigheid van anderen, afscheid te laten nemen, onder oplegging van een forse dwangsom, bijvoorbeeld € 10.000,00 of meer.
Het erfrecht om afscheid te mogen nemen wordt beschermd door art. 8 van het Europese verdrag voor
de rechten van de mens. In deze verdragsbepaling wordt het recht op famiily-life beschermd.
Als de (nieuwe) echtgenote aanvoert dat vader dit niet wilde dan is dat niet voldoende. Die wens van
vader zal dan wel op schrift gesteld moeten zijn, bijvoorbeeld in een codicil of testament. Er werd geoordeeld dat er wel afscheid genomen mocht worden en dat als de nieuwe echtgenote niet meewerkte er dan een dwangsom van € 10.000,00 verschuldigd is. (Rechtbank Overijssel, locatie Almelo, 24 maart 2023, ECLI:NL:RBOVE:2023:1083).
Smartengeld
Bij Rechtbank Rotterdam speelde een zaak waarbij uiteindelijk smartengeld werd toegekend aan de partner van de erflater. Hoewel hij ook (de enige) erfgenaam was, mocht hij van de familie de uitvaart niet regelen, noch bijwonen. De rechtbank weegt alle omstandigheden van het geval waaronder de aard van de aansprakelijkheid, de ernst van het aan de familie te maken verwijt en het verdriet van de partner en haar kinderen. Toekenning van smartengeld kan het verdriet niet compenseren, maar het onderstreept wel dat verdriet erkenning verdient. Er wordt een bedrag aan smartengeld van € 1.500,00 toegekend.
In dezelfde zaak bij de Rechtbank Rotterdam ging het daarnaast over de kosten van de uitvaart. Degene die de opdracht geeft aan de uitvaartondernemer moet ook de rekening betalen. Omdat de kosten van de uitvaart kosten van de nalatenschap zijn, moeten deze uit de nalatenschap voldaan worden. De familie wilde de kosten van de uitvaart die zij moesten betalen aan de uitvaartondernemer op de nalatenschap en dus de erfgenaam (partner) verhalen.
De rechtbank oordeelde dat niet is komen vast te staan dat de partner er mee instemde dat de familie de uitvaart zou regelen en niet de partner. Verder is de partner op geen enkele wijze gekend bij de uitvaart, zij is niet genoemd in het overlijdensbericht en zij en haar familie zijn niet in de gelegenheid gestel om de uitvaartplechtigheid bij te wonen. Zij heeft ook geen afscheid kunnen nemen.
In het testament was de partner tot executeur benoemd. De rechtbank oordeelde vervolgens dat het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is dat onder deze omstandigheden de kosten van de uitvaart voldaan moeten worden uit de nalatenschap. De familie kon de kosten niet verhalen op de nalatenschap (Rechtbank Rotterdam 4 mei 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:5408).
Heeft u vragen?
Heeft u vragen naar aanleiding van het lezen van deze blog of wilt u meer informatie over dit onderwerp? Neem dan contact op met mij of één van mijn collega’s.