Ondervindt uw onderneming nadeel door de uitbraak van het Corona-virus?Verschillende overheden nemen vergaande maatregelen om verdere verspreiding van het Corona-virus te voorkomen. De maatregelen bestaan onder meer uit het wijzigen, beperken of onderbreken van bestaande infrastructuren. Die infrastructuren vormen echter de ruggengraat van onze handel en het wijzigen, beperken of onderbreken daarvan, raakt ook Nederlandse ondernemers. De gevolgen daarvan kunnen groot zijn. Zo zullen de voorraden van een ondernemer die geheel of gedeeltelijk afhankelijk is van leveringen uit een ‘besmet gebied’ opraken, met als gevolg dat die ondernemer zijn verplichtingen in de richting van klanten niet kan nakomen. Kan die ondernemer zich dan beroepen op overmacht? Dit artikel bevat een – beknopt – stappenplan ter beantwoording van die vraag.
Stap 1: Kijk in de overeenkomst en de algemene voorwaarden!
Veel overeenkomsten en algemene voorwaarden bevatten een bepaling over overmacht (ook wel ‘force majeure’ genoemd). Mogelijk is in die bepaling beschreven (1.) óf partijen de uitbraak van een epidemie/pandemie of de rechtstreekse gevolgen daarvan beschouwen als overmacht en (2.) welke gevolgen partijen daaraan hebben verbonden. Pak dus eerst de overeenkomst en de daarop van toepassing verklaarde algemene voorwaarden erbij!
Als partijen in de overeenkomst en algemene voorwaarden niets hebben geregeld met betrekking tot overmacht en onvoorziene omstandigheden, dan kunnen zij teruggevallen op de Nederlandse wet.*
*Let op: dat geldt alleen voor overeenkomsten waarop Nederlands recht van toepassing is. Of dat het geval is, staat vaak aan het einde van de schriftelijke overeenkomst. Bij twijfel kunt u ons bellen voor advies.
Stap 2: Beoordeel of sprake is van overmacht in de zin van artikel 6:75 BW!
In het Burgerlijk Wetboek zijn verschillende regelingen opgenomen die mogelijk een oplossing bieden aan de ondernemer die zijn verplichtingen niet kan nakomen door de uitbraak van het Corona-virus of de rechtstreekse gevolgen daarvan. Onder meer in artikel 6:75 van het Burgerlijk Wetboek, waarin ‘overmacht’ is geregeld.
Een ondernemer is in beginsel verplicht de schade van zijn contractspartij te vergoeden, als die schade het gevolg is van een tekortkoming van de ondernemer (oftewel: het niet nakomen van contractuele verplichtingen door de ondernemer). Die verplichting tot schadevergoeding bestaat echter niet als de tekortkoming de ondernemer niet kan worden toegerekend. Dat is het geval bij overmacht.
Een volledige juridische uiteenzetting van de voorwaarden voor een geslaagd beroep op overmacht, laat ik – gelet op de beknoptheid van dit artikel – achterwege. Onder meer nu op het moment dat dit artikel is geschreven, nog geen gerechtelijke uitspraken waren gepubliceerd waaruit blijkt hoe rechters zullen omgaan met een beroep op overmacht in het kader van de uitbraak van het Corona-virus. Ondernemers dienen zich echter bewust te zijn van het volgende:
Een beroep op overmacht slaagt alléén als sprake is van een tekortkoming (het niet nakomen van contractuele verplichtingen door de ondernemer) die niet is te wijten aan de (subjectieve) schuld van de ondernemer, maar ook niet krachtens de wet, rechtshandeling of in het verkeer geldende opvattingen voor zijn rekening komt. Enkele voorbeelden:
Wanneer niet?
- Een ondernemer heeft geen voorraden ontvangen van zijn leverancier uit Wuhan. Hij had diezelfde voorraden echter tijdig en voor een vergelijkbare prijs kunnen inkopen bij een andere leverancier in Europa. Zijn beroep op overmacht zal niet snel slagen. De ondernemer had immers met een kleine inspanning alsnog aan zijn verplichtingen kunnen voldoen. Er is dan sprake van ‘subjectieve schuld’ van de ondernemer;
- Een ondernemer was vóór de uitbraak van het Corona-virus erg druk met het gereedmaken van een grote bestelling. Daardoor is de afhandeling van andere bestellingen blijven liggen. Dat terwijl de overeengekomen leveringstermijn voor die bestellingen al is verstreken. Door de uitbraak van het Corona-virus is het echter onmogelijk geworden om de bestellingen alsnog te leveren, omdat de leverancier zijn fabriek heeft moeten sluiten op last van de overheid. Het beroep van deze ondernemer op overmacht zal niet snel slagen. De onmogelijkheid van nakoming is immers ontstaan tijdens een reeds ingetreden verzuim van ondernemer en wordt krachtens de wet toegerekend aan de ondernemer;
- Een ondernemer heeft in de overeenkomst met zijn klant opgenomen: “Wij garanderen dat de fietsen op 25 februari 2020 worden geleverd!”. Door personeelstekort en transportbeperkingen, ontvangt de ondernemer de fietsen echter pas op 1 maart 2020 van zijn leverancier in China. Ook het beroep op overmacht van deze ondernemer zal niet snel slagen. Hij heeft immers een garantie afgegeven aan zijn klant en de tekortkoming komt dan ook krachtens rechtshandeling (de overeenkomst) voor rekening van de ondernemer.
Wanneer wel?
Als daarentegen sprake is van een ondernemer voor wie het onmogelijk is geworden zijn contractuele verplichtingen na te komen, door de uitbraak van het Coronavirus of de rechtstreekse gevolgen daarvan én die tekortkoming ook niet op andere gronden voor rekening van de ondernemer komt, kan hij een geslaagd beroep doen op overmacht. Bijvoorbeeld:
- Een ondernemer importeert computerchips die slechts door één fabrikant, gevestigd in Italië, worden geleverd. In de fabriek wordt echter een besmetting met het Corona-virus geconstateerd. De Italiaanse overheid plaatst de fabriek daarom in quarantaine en de productie van chips wordt stilgelegd, waardoor de chips die de ondernemer heeft besteld, niet meer worden geproduceerd. Het is daarmee onmogelijk geworden voor de ondernemer om de chips tijdig te leveren aan zijn klanten. Er is géén vergelijkbare chip verkrijgbaar op de markt, de ondernemer heeft geen garanties afgegeven en heeft verder voldaan aan al zijn verplichtingen. Deze ondernemer heeft een grote kans dat zijn beroep op overmacht slaagt. De ondernemer is daarmee in beginsel beschermd tegen eventuele vorderingen tot nakoming of schadevergoedingen van zijn klanten.
Stap 3: Bel Damsté!
Dit artikel bevat slechts enkele algemene aanwijzingen die van belang zijn bij de vraag of een ondernemer zich succesvol kan beroepen op overmacht. De juridische positie van de ondernemer is echter afhankelijk van (veel) meer feiten & omstandigheden. Daarnaast is van belang dat de wet meer vereisten kent dan hetgeen hierboven is besproken, maar ook meer oplossingen biedt. Het is daarom verstandig om tijdig juridisch advies in te winnen, als u als ondernemer te maken krijgt met de nadelige gevolgen van de uitbraak van het Coronavirus, of reeds als uw onderneming het risico loopt dat zij in de toekomst nadeel zal ondervinden. In het bijzonder nu de schade in die gevallen snel kan oplopen. Voor vragen of overleg kunt u contact opnemen met mr. A.W. (Arjon) Tieman, advocaat Handels- en Ondernemingsrecht, of één van onze andere specialisten. Wij helpen u graag verder.