Contact opnemen
20 april 2021

Letsel door sport

Sport heeft een belangrijke rol in ons sociaal-maatschappelijk leven. Behalve dat sporten goed is voor lichaam en geest, heeft het ook een groot sociaal aspect. Zo draait sporten, teamsport in het bijzonder, voornamelijk om het samenbrengen van mensen en om maatschappelijke samenhang te creëren.

De keerzijde van sporten is echter vervelende sportblessures en sportletsels. Ongevallen bij het sporten worden regelmatig veroorzaakt door een ander. Is deze persoon in dat geval ook aansprakelijk voor de schade toegebracht aan het slachtoffer?

Verhoogde aansprakelijkheidsdrempel tijdens sport en spel

Voor sport- en spelsituaties geldt een verhoogde aansprakelijkheidsdrempel. Dit betekent dat een beroep op een onrechtmatige daad in de zin van artikel 6:162 BW minder snel slaagt indien een gedraging tijdens de uitoefening van een sport of spel heeft plaatsgevonden. Dit is in de rechtspraak bepaald vanuit de overtuiging dat deelnemers aan een sport of spel, wetenschap hebben van de risico’s die een bepaalde sport of spel meebrengen, ook wel risicoaanvaarding genoemd.

Tijdens een sport- en spelsituatie wordt een gedraging pas onrechtmatig geacht indien de gedraging de regels van het spel, althans de normaal aanvaardbare risico’s van het spel, te buiten gaat. Dit is het makkelijkst uit te leggen aan de hand van een aantal voorbeelden:

I Voetbal

Een voetballer schiet op het doel van de tegenpartij waarna twee tegenspelers tegelijkertijd een sliding op hem inzetten om een doelpunt te voorkomen. De twee tegenspelers raken hierbij de linkerenkel van de voetballer, met een gecompliceerde enkelbreuk en uiteindelijk een amputatie van het onderbeen tot gevolg. In deze kwestie werd door het Hof overwogen dat de overtreding van spelregels een factor is dat meetelt bij de beoordeling van onrechtmatigheid, maar dat enkel een overtreding niet zonder meer onrechtmatigheid oplevert.

Het Hof kwam uiteindelijk tot oordeel dat deze actie geen onrechtmatige gedraging inhield, omdat de actie van de tegenspelers niet dusdanig buitensporig was, dat deze buiten de kaders valt van wat men in redelijkheid van een voetbalwedstrijd mag verwachten, ondanks dat de actie een overtreding betrof. Het uitgangspunt is dat wie deelneemt aan een voetbalwedstrijd op amateurniveau in redelijkheid tot op zekere hoogte gevaarlijke, slecht gecoördineerde, verkeerd getimede, onvoldoende doordachte handelingen of andere gedragingen waartoe het spel uitlokt kan verwachten. Opmerking verdient wel dat naarmate een overtreding ernstiger is, bijvoorbeeld indien de scheidsrechter een rode kaart trekt, hoe groter de kans dat aansprakelijkheid wordt aangenomen.

II Golfen

Tijdens een golftoernooi heeft golfer 1 een golfbal in zijn gezicht gekregen door golfer 2 met ernstig oogletsel tot gevolg. Golfer 2 heeft de geldende veiligheidsnormen verzuimd na te leven door niet te wachten totdat hij de bel drie keer had horen klinken en door geen “fore” te roepen toen hij zijn bal afsloeg. Bij de betreffende hole, die erg onoverzichtelijk is, geldt de regel dat de voorgangers de bij de hole hangende bel drie keer klinken om kenbaar te maken dat het veilig is om af te slaan. Dit is op de tee nog verduidelijkt door een bord te plaatsen met de tekst: “Please wait with your tee-off for the bell to ring 3 times.” Het Hof heeft in deze casus geoordeeld dat er sprake is van een onrechtmatige daad. Door het schenden van de zorgvuldigheidsnormen heeft golfer 2 de aanmerkelijke kans aanvaard dat hij een ander kon verwonden met zijn bal.

Het handelen van golfer 2 is een overtreding van de regels van de golfsport, waarbij golfers zelf verantwoordelijk zijn voor de naleving van de veiligheidsregels. Het handelen van golfer 2 valt hiermee buiten de normaal aanvaardbare risico’s van het spel. Dit is anders in vergelijking met het voornoemde voorbeeld dat zich afspeelde tijdens het voetballen, omdat het in de golfsport niet geaccepteerd of gebruikelijk is dat deelnemers veiligheidsregels overtreden. Golfer 1 behoefde het onzorgvuldige gedrag en het daarmee gepaarde gevaar van golfer 2 niet te verwachten, waardoor de verhoogde aansprakelijkheidsdrempel overschreden is.

Grenzen sport en spel

De grens waar een sport- en spelsituatie ophoudt te bestaan is lastig aan te geven. Dit heeft als reden dat een sport of spel vaak niet abrupt eindigt. Een voorbeeld is de situatie dat een schaatser op de buitenbaan aan het “uitrijden” is en vervolgens door een andere schaatser met een hoge snelheid onderuitgehaald wordt. In feite was de “uitrijdende” schaatser niet meer bezig met het competitieve element van de sport maar volgens de Hoge Raad viel deze gedraging wel binnen het kader van sport en spel en dienen schaatsers van elkaar te verwachten dat er bepaalde risico’s verbonden zijn aan de schaatssport, waaronder ook gevaarlijke, slecht gecoördineerde, verkeerd getimede, onvoldoende doordachte handelingen tijdens het “uitrijden”, zoals bij het onderhavige.

Een voorbeeld waarbij geen sprake meer is van een sport- en spelsituatie, is de situatie waarbij een voetballer geruime tijd na het fluitsignaal een trap geeft aan een voetballer van de tegenpartij. Dit hoefde de voetballer namelijk, nadat hij het veld al bijna verlaten had, niet meer te verwachten, omdat deze gedraging niet valt binnen de aard van het voetbalspel. Dit kan echter anders zijn op het moment dat deze trap gegeven zou zijn kort na het fluitsignaal. De verhoudingen tussen de deelnemers hoeven namelijk niet direct (geheel) te veranderen nadat er een (volgens de regels van het spel) einde is gekomen aan een sport of spel, waardoor de verhoogde aansprakelijkheidsdrempel ook nog even kan doorwerken. 

Aansprakelijkheid derde partij

I Organisator aansprakelijk

Onder bepaalde omstandigheden kan een organisator aansprakelijk worden gehouden voor een ongeval tijdens een sport- en spelsituatie. Wanneer een deelnemer een sportorganisator aansprakelijk stelt, geldt de verhoogde aansprakelijkheidsdrempel niet. Dit is in de rechtspraak bepaald vanuit de gedachte dat van een professionele organisatie een effectieve zorg betracht wordt omdat juist zij zeggenschap heeft over de veiligheidsmaatregelen en vaak ook deskundiger is op het gebied van veiligheid. Bij de beoordeling of een bepaalde organisatie als professioneel kan worden aangemerkt, wordt er bijvoorbeeld gekeken naar hoe een bepaalde organisatie zichzelf profileert. Om te beoordelen of een organisatie zich aan de (bijzondere) zorgverplichtingen heeft gehouden, wordt er getoetst aan de Kelderluik-factoren. Dit zijn de volgende factoren:

  • De mate van waarschijnlijkheid waarmee onoplettendheid of onvoorzichtigheid kan worden verwacht;
  • De grootte van de ongevalskans;
  • De ernst van de gevolgen;
  • De mate van bezwaarlijkheid om veiligheidsmaatregelen te nemen.

Relevante omstandigheden hierbij zijn bijvoorbeeld of er kinderen, studenten of juist getrainde deelnemers aan een sport of spel deelnemen. Van kinderen kan verwacht worden dat die vaak onoplettend en onvoorzichtig handelen. Bij een studentenvereniging kan verwacht worden dat het spel gepaard gaat met alcoholgebruik, waardoor ook onder deze omstandigheid een grote mate van onvoorzichtigheid en onoplettendheid verwacht kan worden.

In deze situaties hebben de organisatoren een grotere zorgplicht, bijvoorbeeld in de vorm van strenger toezicht of een waarschuwingsplicht. Daarnaast geldt, hoe groter de ongevalskans en ernstiger de mogelijke gevolgen, hoe groter de zorgplicht. Denk bijvoorbeeld aan de auto- of motorsport. Hierbij is de zorgplicht van de organisatie hoger omdat de kans op een ongeval en ernstig letsel groter is dan bij bijvoorbeeld voetbal.

II toeschouwers

Behalve voor deelnemers, geldt de verhoogde aansprakelijkheidsdrempel ook voor toeschouwers. Zij bevinden zich immers vrijwillig in de gevarenzone van een sport en spel. Van toeschouwers wordt verwacht dat zij wetenschap hebben van de risico’s die het aanschouwen van een sport of spel meebrengen. Ook bij toeschouwers wordt getoetst of bepaalde gedragingen te verwachten zijn, of dat die juist de normaal aanvaardbare risico’s te buiten gaan.

Een toeschouwer bij een honkbalwedstrijd dient bijvoorbeeld bedacht te zijn op een honkbal dat in het publiek terechtkomt. Dit in tegenstelling tot een toeschouwer van een schaakspel die hier geen rekening mee hoeft te houden.

Damsté helpt u graag

Heeft u letsel opgelopen tijdens een sport- en spelsituatie? Dan is het verstandig om de hulp in te schakelen van een letselschadeadvocaat. Wij zullen u van advies voorzien en ervoor zorgen dat u een passende schadevergoeding ontvangt. Neem vrijblijvend contact met ons op. Onze hulp is voor letselschadeslachtoffers kosteloos.

Delen via
Schrijf u in en blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief!

Uitschrijven kan altijd probleemloos.