Contact opnemen
13 maart 2025

Het hebben en onderhouden van een franchiseovereenkomst

Leestijd: 4 minuten

In zijn vorige blog is Max Roetman ingegaan op het aangaan van de franchiseovereenkomst. Hierbij moeten de franchisenemer en franchisegever goed bewust zijn van de diverse verplichtingen en risico’s. In deze blog zal hij stilstaan bij uitvoeren, onderhouden en wijzigen van franchiseovereenkomsten.

Goed franchisegever- en franchisenemerschap 

De franchisenemer en franchisegever moeten zich voorafgaand en gedurende de franchiseovereenkomst gedragen als een goed franchisenemer en franchisegever (artikel 7:912 BW). Dit is een uitwerking van artikel 6:2 en 6:248 BW. Hierin is de algemene norm vastgelegd dat de rechtsverhoudingen tussen contractanten onderling wordt beheerst door de eisen van redelijkheid en billijkheid. Daarmee wordt bedoeld dat de franchisenemer en franchisegever zich moeten gedragen overeenkomstig de verwachtingen van een behoorlijk persoon. Het veronderstelt een actieve houding. Hierbij moet de franchisegever naast zijn eigen belangen ook rekening houden met de belangen van de keten als geheel en de belangen van de individuele franchisenemer. Als deze belangen (lijken te) botsen, moeten partijen in gesprek gaan met elkaar en zich inspannen om te komen tot een wederzijdse oplossing. De franchisenemer moet op zijn beurt  meedenken in het belang van de keten als geheel en moet handelen binnen het kader van de franchiseformule. Daarbij wordt ook een bijdrage aan de verdere ontwikkeling van deze franchiseformule door de franchisenemer bedoeld. De franchisenemer moet tevens de mogelijkheid hebben bij de franchisegever zo specifiek mogelijk aan te geven dat hij ondersteuning nodig heeft (artikel 7:919 lid 2 BW). 

De uitvoeringsfase

De informatieverplichtingen die voorafgaand aan het sluiten van de franchiseovereenkomst gelden, zijn onverkort ook voor de uitvoeringsfase van de franchiseovereenkomst van toepassing. Dit laat de verplichting van de franchisenemer en franchisegever onverlet om de andere partij  tijdig te informeren over overige zaken die redelijkerwijs van belang zijn met het oog op de uitvoering van de franchiseovereenkomst. Daarnaast moet de franchisegever tijdig informatie verstrekken over (i) voorgenomen wijzigingen van de franchiseovereenkomst, (ii) de verlangde investeringen van de franchisenemer en (iii) een besluit tot een bepaald gebruik van een afgeleide formule en de inhoud en strekking daarvan (artikel 7:916 lid 1 BW). Deze informatie, samen met de andere informatieverplichtingen, moet op een wijze worden verstrekt die toekomstige raadpleging gedurende een periode waarvoor het doel dient mogelijk maakt. 

Jaarlijks informeert de franchisegever de franchisenemer dan ook in hoeverre opslagen en andere financiële bijdragen van de franchisenemer, de kosten en investeringen dekken. Minimaal eenmaal per jaar moet er overleg zijn tussen de franchisenemer en franchisegever (artikel 7:916 lid 2 en 3 BW).  

Het is van belang dat de franchisegever voldoende ruimte heeft voor zelfstandige besluitvorming, zodat hij slagkracht kan behouden bij het onderhoud en de verdere ontwikkeling van de franchiseformule. Sommige beleidswijzigingen kunnen echter zulke grote gevolgen hebben voor de bedrijfsvoering van een franchisenemer, dat het vanuit een goed franchisegeverschap gezien redelijk is om hierover vooraf in gesprek te gaan met de betrokken franchisenemer(s). Bij het bepalen van de drempelwaarden voor dergelijke wijzigingen moet, met oog voor goed franchisegever- en franchisenemerschap, worden gekeken naar de mate van zelfstandigheid die de franchisegever zich voorbehoudt om slagkracht te waarborgen. Daarnaast is het vooraf wenselijk dat er overleg en instemming plaatsvinden.

Wijziging van de franchiseovereenkomst

De franchiseovereenkomst is een duurovereenkomst. De noodzaak om in te gaan op veranderende omstandigheden kan aanwezig zijn. Hiervoor zijn in franchiseovereenkomsten vaak bepalingen opgenomen over het recht tot eenzijdige wijzigingen van de franchiseovereenkomst of franchiseformule door de franchisegever. Dit is met name in het kader van de hard franchise. Een franchisegever heeft belang bij een breed geformuleerd wijzigingsbeding, waarmee de franchisegever de mogelijkheid heeft om wijzigingen eenzijdig door te voeren, zonder dat toestemming of goedkeuring van de franchisenemers vereist is. Dergelijke wijzigingen kunnen echter ingrijpende gevolgen hebben, zowel voor de individuele franchisenemer als voor alle franchisenemers in de keten. Om die reden kunnen ruim geformuleerde wijzigingsbedingen problematisch zijn voor franchisenemers. Hierbij speelt artikel 7:921 BW een rol. Op grond daarvan kan er een instemmingsrecht zijn van de franchisenemers. Daarvoor is vereist dat de wijzigingen financiële gevolgen voor de franchisenemers hebben met de voorwaarden zoals in dat artikel uitgewerkt. Artikel 7:921 lid 1 BW geldt alleen indien de franchiseovereenkomst een drempelwaarde kent en de financiële gevolgen voor de franchisenemers hoger zijn dan deze drempelwaarde. Als er geen drempelwaarde is, dan is instemming van de franchisenemers steeds vereist, ongeacht de omvang van de investeringen, de financiële bijdrage of de kosten en omzetderving. Hiermee wordt de franchisenemer beschermd tegen grote gevolgen van een eenzijdige wijziging door de franchisegever. 

Kortom, tijdens het uitvoeren van een franchiseovereenkomst moet men goed bewust zijn van de rechten en plichten. Voor vragen of overleg over de uitvoering of wijziging van franchiseovereenkomsten kunt u contact opnemen met mr. Max Roetman.

Delen via
Schrijf u in en blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief!

Uitschrijven kan altijd probleemloos.