Wanneer voldoet deze aan de wettelijke vereisten?
De huidige consumentenwetgeving biedt aan consumenten verregaande bescherming. Een handelaar moet aan allerlei informatieplichten voldoen. Deze bescherming gaat ook ver als het gaat om het doen van online aankopen. Het bestelproces op een website moet op een bepaalde wijze worden ingericht.
Het moet voor een consument bijvoorbeeld zeer duidelijk zijn dat het kopen van producten op een website ook een verplichting tot betaling met zich mee brengt. Dit lijkt misschien vanzelfsprekend, maar de Hoge Raad liet in een recente uitspraak (HR 4 oktober 2024, ECLI:NL:HR:2024:1355) zien dat niets minder waar is.
De bestelknop
Op grond van artikel 6:230v lid 3 BW geldt dat het op een niet voor misverstand vatbare wijze duidelijk moet zijn dat de online bestelling van een product ook een betalingsverplichting voor de consument inhoudt. Voor de totstandkoming van een overeenkomst is aanbod van de handelaar en aanvaarding van de consument nodig. Als de aanvaarding geschiedt door het gebruikmaken van een knop op een website, dan moet uit deze knop uit niet voor misverstand vatbare termen en op goed leesbare wijze blijken dat de aanvaarding een betalingsverplichting tegenover de handelaar inhoudt. De tekst in de knop op de website moet ondubbelzinnig geformuleerd zijn. Voldoet de website hier niet aan, dan is de overeenkomst met de consument vernietigbaar.
Wat betekent dit nu eigenlijk in de praktijk? Wanneer is een bestelknop volgens de Hoge Raad voldoende duidelijk? De Hoge Raad oordeelt dat bestelknoppen met formuleringen als “bestelling plaatsen”, “bestellen”, of “bestelling afronden” in ieder geval onvoldoende duidelijk zijn. Een gemiddelde consument hoeft dit niet in verband te brengen met het ontstaan van een betalingsverplichting, aldus de Hoge Raad. De Hoge Raad oordeelt dat een formulering als “bestelling met betalingsverplichting”, in ieder geval voldoet aan de eisen die de wet daaraan stelt. Uit de invulling die de Hoge Raad hieraan geeft, blijkt dus dat de lat hoog ligt.
De gevolgen: (gedeeltelijke) vernietiging overeenkomst
De Nederlandse wetgeving op dit punt is gebaseerd op de inhoud van de Europese Richtlijn consumentenrechten. Deze Richtlijn voorziet in dwingendrechtelijke informatieplichten voor handelaren ter bescherming van de consument. De rechter is daarom verplicht om deze bepalingen ambtshalve toe te passen. Ambtshalve toetsing houdt in dat de rechter de regels van Europees consumentenrecht ook toepast als de consument daar niet om heeft gevraagd. Als de bestelknop niet aan de wettelijke vereisten voldoet, kan een rechter de overeenkomst tussen de handelaar en de consument (gedeeltelijk) vernietigen.
In het geval de consument in de procedure verschijnt, kan de overeenkomst in het geheel worden vernietigd. In het geval een consument niet in de procedure verschijnt, dan kan de rechter de overeenkomst slechts gedeeltelijk vernietigen. Een gedeeltelijke vernietiging kan bijvoorbeeld zien op het verminderen van de betalingsverplichting van de consument. De Hoge Raad geeft hier als praktisch voorbeeld dat er bijvoorbeeld een korting op de betalingsverplichting van de consument kan worden toegepast. De Hoge Raad oordeelt dat een korting van één derde op de betalingsverplichting van de consument in beginsel redelijk is te achten.
Let er dus goed op hoe het bestelproces op een website ingericht wordt. Zorg er (onder andere) voor dat het voor consumenten voldoende duidelijk is dat het kopen van producten via de website ook een betalingsverplichting met zich meebrengt, zodat vervelende verrassingen achteraf voorkomen kunnen worden.