Contact opnemen
15 april 2020

De groepsvennootschap in het kader van de NOW

Werkgevers die door de Corona-pandemie te maken hebben met een omzetdaling kunnen mogelijk een beroep doen op de Tijdelijke Noodmatregel Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid (hierna: “NOW”).

Voor een beroep op die regeling is onder meer een omzetdaling van tenminste 20%  vereist. Die omzetdaling wordt berekend over de omzet van de gehele groep, waarvan de (natuurlijke persoon of rechtspersoon van de) werkgever onderdeel is.  Veel ondernemingen zijn zich er echter niet van bewust, wat onder ‘groep’ wordt verstaan. Het is immers niet zo dat moeder- en dochtermaatschappijen per definitie een groep vormen.

De NOW sluit aan bij het begrip ‘groep’, zoals gedefinieerd in artikel 2:24b van het Burgerlijk Wetboek. In dat artikel is bepaald dat een groep een economische eenheid is waarin rechtspersonen en vennootschappen organisatorisch zijn verbonden. Voor de vraag of uw onderneming onderdeel is van een groep, zijn dus de volgende vereisten van belang: 1. Het bestaan van een economische eenheid en 2. Het bestaan van organisatorische verbondenheid. Daarnaast volgt uit de wetsgeschiedenis van artikel 2:24b van het Burgerlijk Wetboek nog een derde vereiste: 3. De centrale leiding.

De drie vereisten voor een groep worden hierna afzonderlijk besproken. Voor de NOW is van belang of op 1 maart 2020 sprake was van een groep. Als uw onderneming op die datum voldeed aan de hierna besproken vereisten, dient in het kader van de NOW dus sprake te zijn van een omzetdaling van 20% van de gehele groep.

1. De economische eenheid

Het begrip ‘economische eenheid’ komt uit het jaarrekeningenrecht. Daarin geldt als uitgangspunt dat over een eenheid verslag moet worden uitgebracht, als zij een zodanige economische samenhang heeft dat verslaggeving daarover zinvol is. Als uw onderneming een geconsolideerde jaarrekening opstelt, is daarin dus een aanwijzing gelegen voor het bestaan van economische eenheid. Voor het bestaan van die economische eenheid is niet van belang of de groep ook naar buiten optreedt als eenheid. Wél is het zo dat alleen sprake kan zijn van een economische eenheid als ook sprake is van centrale leiding (zie vereiste 3.).

2. Organisatorische verbondenheid

Ook de vraag of sprake is van organisatorische verbondenheid wordt ingevuld aan de hand van alle omstandigheden van het geval. Daarbij is van belang of sprake is van ‘integratie in de groeps- of concernorganisatie’. Aanwijzingen voor het bestaan van die integratie kunnen bijvoorbeeld zijn gelegen in aandeelhouderschap van de betrokken (rechts)personen en vennootschappen onderling, in het bestaan van statutaire voorzieningen of in het bestaan van contracten tussen de betrokken rechtspersonen en/of vennootschappen.

3. De centrale leiding

Het laatste vereiste voor het bestaan van een groep is de centrale leiding. Aan dit vereiste is voldaan als sprake is van een hiërarchische organisatiestructuur op grond waarvan een gemeenschappelijke strategie wordt gevoerd. Daarbij dient de ‘centrale leiding’ daadwerkelijk te worden uitgeoefend. Alleen de mogelijkheid dat leiding centraal wordt uitgeoefend, is onvoldoende.

Tot slot. De vraag of sprake is van een groep en of is voldaan aan de hiervoor behandelde vereisten, laat zich soms moeilijk beantwoorden en dit artikel betreft slechts een algemene weergave van enkele vuistregels. Als u vragen heeft over de NOW-regeling of over de ondernemingsrechtelijke aspecten daarvan (zoals het groepsbegrip in artikel 24b van het Burgerlijk Wetboek), kunt u contact opnemen met onze specialisten. Daarnaast kunt u veel nuttige informatie vinden op onze website of – als u op zoek bent naar de fiscale aspecten van de NOW-regeling – op de website van Jongbloed Fiscaal Juristen: link.

Delen via
Schrijf u in en blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief!

Uitschrijven kan altijd probleemloos.