De gedragsaanwijzing: effectief middel bij huuroverlast

Leestijd: 2 minuten | Publicatiedatum: 12-04-2016 | Type: Blog/artikel | Auteur: Merle Rondhuis

De verhuurder is verplicht actie te ondernemen tegen een overlastveroorzakende huurder, wanneer omwonende huurders hierover klagen. Vaak start de verhuurder dan een procedure bij de rechter om de huurovereenkomst te ontbinden en de woning te ontruimen. Dit is echter een lastige, tijdrovende procedure, omdat rechters een uitgebreid overlastdossier verlangen. Bovendien komt het regelmatig voor dat de rechter beslist dat de overlast weliswaar vervelend is voor de omwonenden, maar onvoldoende ernstig om iemand te laten ontruimen.

In het geval van overlast door een huurder kan de verhuurder (in plaats van een dure, tijdrovende ontruimingsprocedure) ook kiezen voor een gedragsaanwijzing.

Wat houdt de gedragsaanwijzing in?

De gedragsaanwijzing is een voor de overlastveroorzakende huurder geldend gebod of verbod. De huurder is dan verplicht om iets te doen of juist om iets na te laten. Het kan gaan om allerlei verschillende verplichtingen. Bijvoorbeeld een gebod om hulpverlening te aanvaarden, een gebod om mee te werken aan renovatie van de woning, een verbod om meer dan drie katten te hebben of een verbod om piano te spelen midden in de nacht.

Wanneer er nog overleg met de huurder mogelijk is, kan een gedragsaanwijzing worden vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst.

Als overleg onmogelijk is of als de huurder zich niet aan de voorwaarden uit de vaststellingsovereenkomst houdt, kan de gedragsaanwijzing ook door de rechter worden opgelegd. Bij de rechter vordert de verhuurder dan nakoming van de huurovereenkomst op grond van artikel 3:296 BW.

De rechter kan aan een gedragsaanwijzing een dwangsom verbinden of bepalen dat de huurovereenkomst voorwaardelijk wordt ontbonden. Als de huurder de gedragsaanwijzing dan niet naleeft, kan verder worden geprocedeerd over de ontbinding en ontruiming.

De gedragsaanwijzing in de praktijk

De gedragsaanwijzing is een nieuw 'ontdekt' instrument dat zijn grondslag vindt in het reeds lang bestaande artikel 3:296 BW. In 2014 is voor het eerst een gedragsaanwijzing door een rechter opgelegd (Rechtbank Noord-Holland 8 oktober 2014, ECLI:NL:RBNHO:2014:13261).

Om toepassing door woningcorporaties te bevorderen is het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) een pilot gestart waar meer dan 50 woningcorporaties aan mee hebben gewerkt. Daarnaast heeft het CCV een praktische handleiding opgesteld waarin stap voor stap alle aspecten van een gedragsaanwijzing worden beschreven.

De pilot is door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het Ministerie van Veiligheid en Justitie geëvalueerd. De resultaten zijn eind december 2015 gepubliceerd. De gedragsaanwijzing blijkt een nuttige, bruikbare en veelal effectieve interventie voor het terugdringen van woonoverlast te zijn. De overlast stopt in veel gevallen zonder dat daarvoor ontruiming nodig is.

Wilt u meer weten over de gedragsaanwijzing of over overlastbestrijding in het algemeen, neem dan contact met ons op.

Deze informatie delen: